Scheepsramp op de Zuidvliet.

Gemeentearchief
HOME  |  Rubrieken  |  Verhalen  |  Kortgene  |  Scheepsramp op de Zuidvliet.

Scheepsramp op de Zuidvliet.

Door Allie Barth.

 

Tussen Noord- en Zuid-Beveland ligt sinds 1960/1961 het Veerse Meer. Een rustig meer vol recreatievertier in de zomer. Voor het leggen van de Zandkreekdam en de Veerse Gatdam was het een water waarin eb en vloed vrij spel hadden en waar doorgaans een krachtige stroom stond. De naam Zuidvliet voor de stroom tussen Noord- en Zuid-Beveland was in de vorige eeuw in onbruik geraakt. Men sprak van de Zandkreek. Maar in 1808 heette de stroom Zuidvliet. Op 29 juni van dat jaar vervoegden schipper Willem de Bruijn zich met zijn vaargezellen bij de baljuw van Kortgene om een verklaring af te leggen. Hij voer met zijn schip door de Zuidvliet naar Amsterdam. Zijn broer had, net als hij, in Gent lading ingenomen en die voer met zijn damlooperschip achter hem aan. Ze waren over de Westerschelde en het Sloe de Zuidvliet ingevaren en ze waren Kortgene net voorbij, toen hij zag, dat de schuit van zijn broer begon over te hellen. Dat was merkwaardig, want het was helemaal geen slecht weer. Zijn dekknechten riepen hem toe, dat het fout ging met het schip van zijn broer en dat was ook zo. In korte tijd sloeg het om. Hij wendde onmiddellijk de steven en voer zo snel mogelijk naar de plek des onheils om de mensen die daar aan boord waren te redden. Ook de veerman van Wolphaartsdijk had het ongelijk zien gebeuren. Deze was onmiddellijk in zijn boot gesprongen en roeide er ook zo hard mogelijk naar toe. Vanuit Kortgene snelde men eveneens te hulp. Met vereende krachten lukte het om het omgeslagen schip, dat Maria Anna heette, omhoog te zetten tegen de zeedijk aan. Met behulp van een poonschuitje loste men de lading uit het ongeluksschip, die uit vaten wijn bestond. Toen het eb geworden was, lukte het om het schip weer om te draaien, waarna de schade kon worden opgemaakt. De tuigage was vrijwel geheel vernield. Bij aankomend hoog water slaagde men er in het schip weer te laten drijven, waarna het naar de haven van Kortgene werd gesleept voor herstel. De oorzaak van het ongeluk, waarbij gelukkig geen mensenlevens waren te betreuren, moest worden gezocht in het op slechte wijze stouwen van de lading. Door het schommelen van de boot waren de vaten naar een kant gerold, waardoor het schip was omgeslagen. Overigens: een verklaring voor damlooperschip kon ik tot dusverre niet vinden.