Onafhankelijkheidsfeest in Kattendijke, 18 juli 1913

Gemeentearchief
HOME  |  Rubrieken  |  Verhalen  |  Kattendijke  |  Onafhankelijkheidsfeest in Kattendijke, 18 juli 1913

Onafhankelijkheidsfeest in Kattendijke, 18 juli 1913

Door Leen Moerland

 

18 juli 1913 Op 18 juli 1913 was het het honderd jaar geleden, dat Nederland bevrijd werd van de Franse Overheersing.Overal in het land werden onafhankelijkheidsfeesten gehouden . Ook in Kattendijke was dit het geval. Het werddie dag een groot feest in het dorp. Er bestond een Commissie van uitvoering met daarin de bekendehoofdonderwijzer I.J.E. Feleus en A. Arnoldi. Deze zorgden voor een daverend feestprogramma. Het feestduurde van acht uur 's morgens tot tien uur 's avonds en werd afgesloten met een groot vuurwerk.Op deze dag waaide de Franse vlag op de toren. Deze werd na een schermutseling tussen Kattedijkenaren enzogenaamde Fransen, gespeeld door inwoners van Kattendijke, van de toren gehaald en vervangen door deNederlandse lag. De Fransen werden onder de toren opgesloten. De feestelijkheden konden een aanvang nemen.Zoals de dichter Ulf de Visscher(I.J.E. Feleus) schreef: "en men verdreef alle smart en verdriet door 't luidezingen van 't glorierijk lied: Victorie". Dit was onderdeel van het gedicht, getiteld "Het oanfhankelijkheidsfeestte Kattendijke" over de gebeurtenissen op de 18e juli 1913.

 

Dit was geschreven door diezelfde Ulf de Visscher.Hierna kon het feest goed losbarsten. Allereerst werd de ere-voorzitter van het feestcomité, de heer C. de Wilde,afgehaald met muziek. Het weer wilde echter niet meewerken, want het regende pijpestelen. Men verzameldezich bij de muziektent, alwaar om negen uuur dominee Andreae een feestrede afstak. Deze werd opgeluisterddoor muziek van het muziekgezelschap "Oefening en Uitspanning". Deze gebeurtenis was om tien uurafgelopen, waarna het de beurt was aan de schoolkinderen. Zij kregen onder leiding van de schoolmeester A.Arnoldi een traktatie uitgereikt. Het feestlied werd gezongen, de muziek blies een aardig partijtje mee. Toenkwam de aankondiging dat het oorlogsschip van de Prins in aantocht was. Op deze dag speelde men inKattendijke de landing van Prins Willem van Oranje, de later koning Willem I, in 1813 in Scheveningen na.Voordat deze landing echter begon had men een pauze in de festiviteiten ingelast. Degenen van dedorpsbewoners, die voor de Prins en zijn gevolg speelden, moesten in de tussentijd ook nog aangekleed worden .

 

Dit ging niet altijd even vlot, want sommige kleren pasten niet goed. Toen iedereen in zijn kostuum was gehesen,trok men naar de zeedijk, alwaar de Prins zou landen. Het weer was nog steeds erbarmelijk slecht en het bleefmaar regenen. De Prins kwam met een sloep aan land. Deze festiviteit begon om twee uur. Toen de Prins aanland stapte, werd hij door de schooljeugd van Kattendijke toegezongen met het Vlaggelied. Daarna werd hijwelkom geheten door het driemanschap, waaronder Van Limburg Stirum, die gespeeld werd door deschoolmeester A. Arnoldi, de rol van de Prins werd gespeeld door P.J. de Wilde. De Prins werd verder eenoorkonde overhandigd door twee kinderen in Zuid-Bevelandse klederdracht. Deze oorkonde bevatte deoverdracht van de trap, waarop de Prins als eerste voet aan land zette. Dit was een betonnen trap, speciaal voordeze blijde gebeurtenis aangelegd, die voortaan de naam Prinsentrap zou voeren. Om half drie vertrok hetgezelschap zogenaamd naar Scheveningen, alwaar hij intrek nam in het huis van de predikant Ds. Faassen deHeer. Dit gebeurde in het huis van de schoolmeester Feleus.

 

Hier werd hij toegesproken door een tachtig jarigegrijsaard Berkenbosch Blok, waarin de inwoners van Kattendijke de heer H. Vermaire, de caféhouder,herkenden.Na dit intermezzo begon men aan de grote optocht, die de Prins naar Den Haag moest voeren. Men had hiervoorde volgende route uitgestippeld. Men startte bij de Noorddijk, daarna gaat het via de Muldijk naar deMonnikendijk naar de boerderij de Monnikenhof, alwaar men keerde en terugreed over de oude grintweg naarhet dorp, waar de Prins met zijn gevolg uitstapten bij het huis van A. Arnoldi, die zoals we zagen Van LimburgStirum gestalte gaf.De stoet zag er als volgt uit: Het begon met een erewacht te paard van dertig personen, vervolgens kwam hetrijtuig met de Erevoorzitter en de commandanten van vloot en schutterij, het rijtuig met de prins en zijn gevolg,twee rijtuigen met hoorwaardigheidsbekleders van land en gemeente, daarna het damescomité in een rijtuig enhet muziekgezelschap "Oefening en Uitspanning". Als laatste waren er dan nog vier rijtuigen met jongematrozen, met roeiers, die de Prins van zijn schip hadden afgehaald , Scheveningse Vissers en vissersvrouwen enals laatste een rijtuig met gevangen genomen Franse soldaten, die bewaakt werden door de schutters.

 

Bij het huisvan Arnoldi werd de optocht ontbonden. De optocht duurde van half drie tot half vier. Hierna werd er gepauzeerdtot zes uur.Om zes uur begon het "diner muziquale", dat werd gehouden in de oude pastorie van Kattendijke. Bij dit dinerwaren zeker 50 personen aanwezig. Er was volgens de dichter een keur van spijzen en drank aanwezig. Mengenoot met volle teugen. Alleen het dessert werd onderbroken door een optreden van Ulf de Visscher, die zijngedicht "Kattendijke's wording" ten gehore bracht. Dit werd de bevolking als cadeau in de vorm van een boekjeaangeboden. Men was zo enthousiast over het gebodene, dat men spontaan "Het loflied op de Katteschulp, denoorsprong van Kattendijke" zong. Kattenschulp was de oude benaming voor Kattendijke. Na de beëindiging vanhet dessert ging men over naar het volgende deel van het feestprogramma, de berechting van de Fransen, dieopgesloten zaten onder de toren. Er was een rechter, gespeeld door C. de Wilde sr. en een strafpleiter, dieneergezet werd door A. Arnoldi. De doodstraf werd tegen hen geëist wegens het beledigen van de NederlandseDriekleur. De soep werd echter niet zo heet gegeten. Men veroordeelde de Fransen tot het wieden van een aantalvelden suikerbieten. Hier had de rechter zelf twee bunder in eigendom.Dus een beetje eigenbelang kwam hierook nog bij kijken.

 

De Fransen werden daarop losgelaten en toen men een tijdje later ging kijken waren deFransen volop bezig met het wieden van de suikerbieten. Ze waren goed te zien, want men had net deilluminatie(verlichting) aangestoken en het dorp was nu feestelijk verlicht.Om half negen begon dan het concert door het muiziekgezelschap, dat de hele dag al alle festiviteiten metmuziek luister had bijgezet. Dit concert duurde tot kwart voor tien en men speelde onder meer de KattendijkseFeestmarsch, speciaal voor die dag gecomponeerd door Johannes Keukelaar, de dirigent van het gezelschap. Alsgrandioze afsluiting werd er nog een speciaal vuurwerk afgestoken. Dit stond te gebeuren om tien uur in deavond, met de restrictie van de feestcommissie, dat er geen klein vuurwerk, zoals voetzoekers en zevenklappersafgestoken mocht worden, aangezien dit hinderlijk en zelfs gevaarlijk was. Iedereen toog naar de dijk alwaar hetvuur werk werd afgestoken. De toren werd door bengaals vuur verlicht. Even dacht men dat de toren in brandstond, maar dat was gelukkig niet zo. Dit was dan het slot van het onafhankelijkheidsfeest van 18 juli 1913.

 

Ofmen nog is doorgegaan tot in de kleinste uurtejs is niet bekend.Ter gelegenheid van het feest werd er nog een extra nummer van het Nieuwsblad van Kattendijke uitgegeven.Dit blad verscheen eens in de honderd jaar en is voor Kattendijke en Engels- Indië gratis, voor plaatsen in anderewerelddelen bedroeg de prijs 10 cent. Het blad werd in een oranje kleur uitgegeven en stond vol met nieuws overhet feest en de bevrijding van de Fransen. Er stonden ook fantasieberichten in. Zo was er een honderd jaar oudevrijheidsboom aangespoeld. Deze zag er zo armtierig uit, dat men de boom terstond heeft vernietigd.. Menberichtte over de automobieldienst Tolhoek en co, die op de feestdag 2000 mensen heen en weer had gebrachtvan Goes naar Kattendijke.

 

Een exemplaar van dit feestnummer berust in de documentatie van het gemeentearchiefvan Goes.