En de boer, hij ploeterde voort

Gemeentearchief
HOME  |  Rubrieken  |  Verhalen  |  Goes AA - ME  |  En de boer, hij ploeterde voort

En de boer, hij ploeterde voort

Door Allie Barth

 

Ìn de jaren dertig van de vorige eeuw ontstond er naast de ZLM in Zeeland een tweede boerenorganisatie. Deze nieuwe, nationale bond Landbouw en Maatschappij zag de boer niet alleen als voeder van het land, maar ook als opvoeder. De boer was het fundament waarop de samenleving rustte. In vergelijking met andere beroepen werd hij in de visie van die bond, zeer achtergesteld en dat moest veranderen. Op zeer agressieve en ophitsende toon werd de boerenstand verheerlijkt. Na enkele jaren kregen de ideeen een toon, die de NSB niet had misstaan. Een van de wegbereiders van de bond, die in Noord Nederland was ontstaan, in Zeeland, was de voormalige burgemeester van Krabbendijke, J. Welleman. Hij stond aan de wieg van de afdeling Zuid-Beveland van Landbouw en Maatschappij. In heel Zeeland telde de bond in 1936 zo'n 500 leden. In Borssele kwam een jeugdafdeling. Begin 1938 richtte men in Kortgene een afdeling Noord-Beveland op. Tijdens een bijeenkomst in Goes in 1939 deed de propagandist van de bond, J. de Lange, de hierna volgende uitspraak tijdens een lezing, die aan duidelijkheid niets te wensen overliet. "De bodem is gevloekt en de landman getergd.

 

Plicht en recht zijn aan elkaar verbonden, doch niet voor de boer, die alleen de plicht van dienstbaarheid heeft. Ondanks modernisering van bedrijven, kunstmest, stamboeken enz. blijft de boer een kruipend wezen, die ver achter blijft bij arbeiders in de industrie of ambacht." Het behoeft geen betoog, dat al snel na de bezetting Landbouw en Maatschappij fuseerde met het Boerenfront van de NSB, waarmee het Nederlandsch Agragrisch Front een feit was.