De armen hebt ge altijd bij u

Gemeentearchief
HOME  |  Rubrieken  |  Verhalen  |  Goes AA - ME  |  De armen hebt ge altijd bij u

De armen hebt ge altijd bij u

Door Allie Barth

 

Zelfs in Zeeland daalt de werkloosheid op dit moment. Het gaat, als we de hoge heren uit den haag moeten geloven, weer goed met de BV Nederland. Er zijn echter nog steeds mensen, die we tot de onderkant van de samenleving rekenen. Zij behoren tot de armen. En dat is altijd zo geweest, zoals lang Zeeland bewoond is geweest. In 1845 en 1846 mislukte de aardappeloogst en daarmee hadden de meeste gewone mensen geen voedsel meer beschikbaar. Dat leidde tot paniekreacties bij de gemeentebesturen en dat van de provincie. In die (dorps)besturen zaten de grote boeren en die konden geen hongeroproer gebruiken. Ze organiseerden naast collecten, waarmee van de opbrengsten rogge voor de armen kon worden gekocht. Geen tarwe, want tarwebrood was voor de rijken.

 

Op last van het provinciebestuur moest er hulppolitie komen om moeilijkheden in te dammen. Armoede onder de burgerij leidde namelijk ook tot een toenemen van de bedelarij. In 1854 kwam er een nieuwe Armenwet, die in feite legaliseerde wat al heel lang bestond. Armenzorg werd voornamelijk uitgeoefend door de kerken. Toch kon de burgerlijke overheid ook wel wat doen en zo besloot de gemeenteraad van Aardenburg in 1855 tot het oprichten van een "tijdelijke instelling van weldadigheid tengevolge der duurte der levensmiddelen onder den naam van Commissie tot vermindering der Bedelarij. " En de doelstelling van de commissie wel helder: het zoveel mogelijk tegengaan der bedelarij binnen de gemeente. Dat trachtten de gemeentebestuurders te bereiken door het zoveel mogelijk verschaffen van werk ten nutte van de gemeente en door bedeling in natura of in geld.

 

Leden van de commissie kwamen uit het gemeentebestuur en uit de kerkelijke besturen. Wanneer het economisch weer wat beter zou gaan, dan zou de bedelarij vanzelf afnemen en kon men de commissie opheffen. Hoe lang de commissie heeft bestaan, weten we niet. In Goes kwam in die tijd een ander initiatief tot stand, namelijk de instelling van de Commissie tot Oeconomische Spijsuitdeling, die in de wintermaanden vanuit het Soepuus aan de Kleine Kade soep verstrekte aan de arme Goesenaren. Die commissie heeft tot in de crisisjaren van de vorige eeuw bestaan en berichtte jaarlijks aan het gemeentebestuur hoeveel liter erwtensoep men aan de bevolking had verstrekt en dat ging dan om ettelijke duizenden liters. Een lollige bestuurder, of ambtenaar, schreef eens bij dat verslag: "dat moet knap gestonken hebben in Goes!" Werkverschaffing is eigenlijk altijd een middel is geweest om werklozen aan de gang te houden, tot en met de Melkert- en ID banen van vandaag toe. Misschien kun je de voedselbanken een moderne vorm van soepverschaffing noemen.