Belediging in Sint Kruis

Gemeentearchief
HOME  |  Rubrieken  |  Verhalen  |  Zeeland AA - GE  |  Belediging in Sint Kruis

Belediging in Sint Kruis

Door Allie Barth.

 

Op 6 juni 1867 kwam Charles Louis Stoks bij de commandant van de marechaussee in Aardenburg om zijn beklag te doen over Mighiel de Muijnck. Stoks was een belangrijk man in het dorp aan de grens. Hij was een grote boer, wethouder van de gemeente, gezworene in het bestuur van de Kleine Boompolder en rooms-katholiek. Hij had zich die dag opgehouden in de herberg 's Lands Welvaren van Abraham Beerens te St. Kruis. Hij vergaderde daar met de burgemeester, het raadslid Zonnevylle en de hoofdonderwijzer de Ridder. Onderwerp van gesprek was de vorming van een gezondheidscommissie. Onverwacht was Michiel de Muijnck binnen komen stappen en die was dreigend op hem toegelopen met de woorden: "Gij laat de polderwerker toch voort werken op den weg", waarop Stoks antwoordde: "Ja, De Muijnck, dat moet gebeuren." Toen was De Muijnck uitgevaren, dat alle polderwerk onmiddellijk werd uitgevoerd, als het maar voor katholieke boeren was. Dat was in strijd met het recht en tegen de billijkheid. Wanneer er werk voor protestantse boeren moest gebeuren, dan werd dat maar al te vaak op de lange baan geschoven.

 

Tijdens deze woordenwisseling waren de burgemeester en de hoofdonderwijzer stilletjes verdwenen uit de kroeg. Die wilden zich daarmee niet bemoeien. Het was niet de eerste keer, dat de twee boeren ruzies kregen. Enkele weken geleden was er in dezelfde herberg een vergadering geweest van het complete polderbestuur, waarin De Muijnck ook zitting had als ingeland en toen had de man Stoks uitgescholden voor "koeiewachter". Stoks had toen al aangekondigd dat hij de marechaussee zou uitnodigen om een proces-verbaal te laten opmaken wegens belediging, waarop De Muijnck had gezegd: "Ga je gang maar, ik heb geen bier en jenever in huis om aan de marechaussee te schenken." Stoks weet de ruzie aan het feit dat De Muijnck niet kon instemmen met de opdrachten die het polderbestuur aan de wegwerker gaf. De marechaussee ging op onderzoek uit, waarbij kwam vast te staan dat De Muijnck meerdere malen Stoks had uitgescholden voor koeiewachter en dat was een grove belediging. Een koeiewachter stond voor een deugniet of iemand die nergens anders voor deugde dan oppasser van koeien te zijn. Het laagste van het laagste. Een landarbeider had een hogere status. De Muijnck kreeg proces-verbaal aangezegd.