Belastingontduiking

Gemeentearchief
HOME  |  Rubrieken  |  Verhalen  |  Zeeland AA - GE  |  Belastingontduiking

Belastingontduiking

Door Allie Barth

 

Belastingen zijn van alle tijden, zowel over roerende als onroerende goederen. Sinds er belasting wordt geheven, bestaat er ook smokkel, een middel tot belastingontduiking. Op 29 oktober 1749 lag Jan Hoogenboom met zijn schuitje in de haven van Hansweert, misschien te wachten op goede wind en goed tij, toen hij bezoek kreeg van Jan de Klerk en dat was de 'collecteur van de gebrande wijnen en andere gedisteleerde wateren binnen de stad Goes en het eiland Zuid-Beveland.' Een lange term voor belastingophaler. Een hoop lawaai voor een omelet, zeggen de Fransen in zo'n geval. Onze schipper had echter geen zin in een bezoek van de belastingcontroleur. Had hij gedronken? Het lijkt er wel op, of was er gewoon teveel contrabande aan boord? De inner van de belasting was evenwel niet alleen. Hij had een deurwaarder bij zich, een peiler en een luitenant van de Rode Roe, de plattelandspolitie van toen. Dat betekende een vermoeden van belastingontduiking of het vervoer van smokkelwaar. Jan Hoogenboom schreeuwde allerlei verwensingen naar het hoofd van de mannen, die daaraan natuurlijk geen boodschap hadden. Zelfs het pakken van een vuurwapen vermocht geen indruk maken. Ze kwamen aan boord, deden hun onderzoek en sloegen de schipper daarna in de boeien. Voor het gerecht eiste de baljuw dat hij aan de scherprechter zou worden overgeleverd wegens 'sluijkerijen', wat belastingontduiking betekent. Na uitvoerige pleidooien besliste het schepencollege wat milder. Jan werd voor eeuwig verbannen uit Holland, Zeeland en West-Friesland.