1957: een belangrijk jaar voor de Zeeuwse Spoorlijn

Gemeentearchief
HOME  |  Rubrieken  |  Verhalen  |  Zeeland AA - GE  |  1957: een belangrijk jaar voor de Zeeuwse Spoorlijn

1957: een belangrijk jaar voor de Zeeuwse Spoorlijn

Door H. Kloos

 

Op 17 april 2007 is het 50 jaar geleden dat het spoorwegbaanvak Roosendaal – Vlissingen voor elektrische tractie in gebruik genomen werd. Dit betekende dat stoom en tot op zekere hoogte dieseltractie tot het verleden ging behoren in het Zeeuwse. De werkzaamheden voor de elektrificatie begonnen in de loop van 1955 en behelsden onder meer het plaatsen van bovenleidingmasten, de zogenaamde “portalen”, het leggen van voedingkabels, het bouwen van onderstations/gelijkrichterstations, het moderniseren van de beveiliging en, waar nodig, spoorverdubbeling. Op 17 april 1957 was het dan zover dat een speciale trein met genodigden Zeeland binnenreed.

 

Bij ieder station werd gestopt en waren er muziekuitvoeringen, toespraken en andere festiviteiten.Scholen hadden in het lesprogramma op de elektrificatie ingespeeld en schoolklassen maakten tekeningen en werkstukken. Kortom: het was een waar volksfeest. Goes deed daar zeker niet voor onder. Maar er was ook een bijzondere band tussen N.S. en de Ganzestad. Zoals bekend was de president-directeur ir. F.Q. den Hollander geboren en getogen alhier. De gemeente had besloten de Stationsweg naar hem te vernoemen en hem tevens tot Ereburger van Goes te benoemen.

 

Vermoedelijk gold toen nog niet de regel dat personen (uitgezonderd leden van het koninklijk huis) bij leven al een straatnaam kregen toebedeeld, of werd deze regel niet al te streng nageleefd! Nadat de speciale trein in Goes was gearriveerd, onthulde Den Hollander het straatnaambordje, bevestigd aan Hotel Terminus, en ging hij met de andere genodigden alhier de lunch gebruiken. Verder ook in Goes kindertekeningen, werkstukken en andere manifestaties.  De verbindingen met Brabant/Randstad werden versneld, maar echt grote tijdwinst was er toch niet.

 

Anderzijds gaven de "Hondekoptreinstellen", in 1957 volop in aflevering, de Zeeuwse lijn in één klap een modern aanzien. In de loop der jaren is de dienstregeling op de Zeeuwse lijn niet noemenswaardig veranderd. In 1998 echter werd de vertrektijd van de Intercity naar Amsterdam van ca. kwart over het uur naar ca. kwart voor het uur verschoven. De stoptreinverbinding Vlissingen – Zwolle werd begin jaren negentig ingekort tot een pendeldienst Vlissingen – Roosendaal. Natuurlijk kwam er naast de Hondenkoptreinstellen ook ander materieel op de Zeeuwse Lijn.

 

Deze stellen werden begin jaren tachtig successievelijk vervangen door IC(Intercity)-materieel. Op de dienst Vlissingen – Zwolle reed enkele jaren getrokken materieel, om daar later weer vervangen te worden door materieel Plan T en V. De goederenactiviteiten op de stations werden in de jaren zeventig en tachtig beëindigd. In Goes vond dat in de jaren 1991/1992 plaats, waarbij het emplacement werd vereenvoudigd. Aan de andere kant echter werden door de uitbreiding van de havenactiviteiten in het Sloegebied de goederenfaciliteiten steeds weer aangepast.

 

Over niet al te lange tijd zal ook het Sloe elektrisch te bereiken zijn, bijna vijftig jaar na de elektrificatie van de Zeeuwse lijn zelf! Hierbij komt dan het goederentracé tussen Eindewege en Nieuwdorp te vervallen. Maar we zullen u verder niet lastigvallen met “spoorse” termen. We kunnen vaststellen dat de Zeeuwse Lijn bestaansrecht heeft, de plannen om enige stations te sluiten ten spijt. Met, te verbeteren, aansluitende busverbindingen zal de Zeeuwse lijn in staat blijven een  bijdrage te leveren aan de (Zeeuwse) mobiliteit. Schreven we in de inleiding dat de stoomlocomtief voorgoed verdwenen was in Zeeland, in 1971 werden de eerste initiatieven ontwikkeld voor het rijden met stoomtreinen op een gedeelte van de ringlijn door Zuid-Beveland. Deze activiteiten legden de basis voor het nu bloeiende museumspoorwegbedrijf Stoomtrein Goes – Borsele.