Joodse gemeenschap - Jan Kouwen

Gemeentearchief
HOME  |  Documenten  |  Joodse gemeenschap - Jan Kouwen

Joodse gemeenschap - Jan Kouwen


Jan Kouwen inventariseert Joodse aanwezigheid in Goes. Hij deed dat al eerder voor Schouwen-Duiveland.

Hij wil een tijdbeeld geven van de Joodse gemeenschap in Goes in de periode dat deze officieel heeft bestaan als bijkerk van Middelburg, tussen 1833 en 1911. In Middelburg was de hoofdsynagoge; ook bijvoorbeeld Vlissingen viel daaronder. In Zierikzee lag het iets anders. Hoewel eveneens klein, was dit een gemeenschap (ringsynagoge), waaronder ook de bijkerk Scherpenisse viel.

Zierikzee en Goes waren allebei klein ten opzichte van Middelburg. Op Zuid- en Noord-Beveland ging het in die periode om ongeveer tachtig personen, waarbij mensen die er tijdelijk woonden en mensen jonger dan twaalf jaar niet meegerekend werden.

In het Zeeuws Archief in Middelburg berusten de meeste bronnen over de Joodse Gemeenschap, ook over die van Goes en Zierikzee.


Namenlijst


In de collectie van het Gemeentearchief Goes speurt Kouwen naar namen van Joodse inwoners, om een overzicht te kunnen maken. Maar dat is nog niet zo eenvoudig. Sommige Joden hebben heel lang geweigerd zich in de burgerlijke stand te laten opnemen. Wat het nog ingewikkelder maakt, is dat de volgorde van voor- en achternaam niet vastligt en dat veel namen zowel voor- als achternaam kunnen zijn. Hij geeft een voorbeeld. Abraham Levy. Wat is nu de voornaam en wat de achternaam? Daar komt dan nog eens bij dat die namen heel veel voorkomen, zodat niet duidelijk is of het om een en dezelfde persoon gaat, of niet. Een andere complicerende factor is dat moeilijke buitenlandse namen vereenvoudigd of zelfs helemaal veranderd werden.


Synagoge


Een van zijn bronnen is het archief van de gemeenteontvanger van Goes, die de administratie van de Joodse gemeente deed.
 

Het boek met de correspondentie met de 'Israelitische Gemeente'.


Daarin zitten bijvoorbeeld stukken over de verbouwing van de synagoge in de Lange Vorststraat uit 1880. Die was begroot op 80 gulden, maar liep uit tot 1948 gulden.
 

Bouwtekening van de synagoge, Archief Stad Goes


De verbouwing wijst erop dat de gemeente leek te groeien. Bekend is dat in de periode 1880 tot 1890 veel Joden vanuit Rusland naar het westen kwamen, mogelijk ook naar Goes. Kouwen wil weten of er een verband bestaat met de verbouwing van de synagoge. Hij let daarom op namen als Labzwoski, een naam die hij in Zierikzee tegenkwam, en op eventuele 'vernederlandsingen' daarvan.

De bevolkingsregisters zullen ongetwijfeld ook nog wat namen opleveren.


Kerkbestuurder en fotograaf
 

In het archief van de gemeenteontvanger kwam hij ook persoonlijke brieven tegen van de kerkbestuurder Barend David Cohen, een prominent lid van de Joodse gemeenschap in Goes.
 

Brief van B.D. Cohen in zijn functie als toezichthouder van de Joodse begraafplaats aan 'Heeren Burgemeester en Wethouders der Stad Goes'


B.D. Cohen was daarnaast ook bekend als fotograaf. Hij maakte, voor zover nu bekend is, de oudste foto van Goes.
Lees meer over fotograaf Barend David Cohen.


Gezichtspunt
 

In Zeeland is de Joodse gemeenschap nooit echt groot geweest. In de zeventiende eeuw was het hoogtepunt, toen woonden de meesten van hen in Middelburg, daarna zijn ze uitgewaaierd naar andere plaatsen. Velen gingen naar Amsterdam. Derk Blom heeft hierover geschreven in zijn 'Geschiedenis van de Joden in Middelburg in de spiegel van de (kerk)geschiedenis' (1987). Kouwen bestudeert de geschiedenis van de joden buiten de Zeeuwse hoofdstad, met name die van Schouwen-Duiveland.


Zijn onderzoek valt binnen het kader van de doelstellingen van het Etty Hillesum Onderzoekscentrum, University College Roosevelt (beide in Middelburg) en Universiteit Utrecht, waarbij de collectie van het Zeeuws Archief de spin in het web is. Die stukken zijn geïnventariseerd, maar nog niet geïndexeerd. Kouwen heeft, voor zijn onderzoek, al wel een aantal stukken gefotografeerd.


Mokum


Waardoor zijn de meeste Joden uit Zeeland naar voornamelijk Amsterdam vertrokken? De cultuur veranderde, men was de Joden minder goedgezind en in Amsterdam was het economisch beter. Een interessante vraag is wat er gebeurd zou zijn als de Zeeuwen de Joden hier met open armen ontvangen hadden. Dan was Middelburg misschien wel Mokum geweest.

Mokum is Hebreeuws voor 'stad'. Amsterdam werd Stad A genoemd, Mokum Allef, en Rotterdam bijvoorbeeld Stad R, Mokum Reisj. Alleen voor Amsterdam is de naam gangbaar gebleven. (Bron: Wikipedia.)


Onderzoek

Jan Kouwen heeft in Brussel theologie gestudeerd. Zijn huidige onderzoek doet hij niet beroepsmatig, hij is ambtenaar bij een gemeente. Het is wel zijn opzet om uiteindelijk de resultaten van zijn onderzoek te publiceren.


Artikelen
 

Als vingeroefening schrijft Jan Kouwen af en toe artikelen voor diverse uitgaven. In Nehalennia is in 2015 bijvoorbeeld een artikel van zijn hand geplaatst over besnijdenisperikelen in het jaar 1845. Voor de Vereniging Stad en Lande van Schouwen-Duiveland in 2014 een artikel voor het jaarboek de 'Kroniek van het land van de zeemeermin' over de joodse aanwezigheid op het eiland Schouwen-Duiveland , en in 2015 voor Tijdschrift van dezelfde vereniging een stukje naar aanleiding van een oud krantenbericht over een brand bij een oude jodin in Zierikzee waarbij de onderhuurder van de jodin om het leven was gekomen, ondanks hulp bij het blussen van de buurman, een bakker.


Daarin laat hij zien hoe je met zo'n bericht een verhaal naar boven kunt krijgen. Wie is de jodin? In welke straat was het? Wie was er overleden? Wat was de oorzaak van de brand? Vrijwilligers van het gemeentearchief van Schouwen-Duiveland zochten het een en ander voor hem uit.


Binnenkort verschijnt een artikel van zijn hand in de Spuije, de uitgave van Heemkundige Kring De Bevelanden.

 

April 2016