Biografie dichter J.H. Leopold - Dick van Halsema

Gemeentearchief
HOME  |  Documenten  |  Biografie dichter J.H. Leopold - Dick van Halsema

Biografie dichter J.H. Leopold - Dick van Halsema

De dichter Jan Hendrik Leopold, wiens honderdvijftigste geboortedag dit jaar herdacht wordt, bracht zijn vroegste kinderjaren door in Goes. Leopolds vader was de eerste directeur van de Goese Rijks H.B.S. en daar ook aangesteld als leraar Engels en Duits.

Dick van Halsema, neerlandicus en emeritus-hoogleraar aan de VU in Amsterdam, schrijft een biografie over de beroemde dichter en zocht in Goes naar sporen.

Dick van Halsema raadpleegt de raadsstukken uit de periode 1865 tot 1870.

Jan Hendrik Leopold werd geboren in 's-Hertogenbosch op 11 mei 1865, hij overleed in Rotterdam op 21 juni 1925. Hij was classicus. Vanaf 1893 publiceerde hij met enige regelmaat gedichten in het literaire avant-gardeblad van toen, De nieuwe gids. Het zou tot 1913 duren voor hij die bundelde in Verzen. In 1915 volgde Cheops, in 1924 Oostersch. Hij publiceerde verder onder meer vertalingen van Marcus Aurelius, Epicurus en Lucretius.

Bron foto: dnbl

Vijf jaar in Goes
 

Jan Hendrik was drie maanden oud, toen zijn vader Martinus naar de betrekking van leraar en directeur aan de nieuw op te richten Rijks H.B.S. in Goes solliciteerde, en werd aangenomen. Het gezin zou precies vijf jaar blijven. In 1870, toen Jan Hendrik vijf jaar en drie maanden oud was, vertrokken ze naar Arnhem, waar zijn vader benoemd was als directeur van de Kweekschool voor Onderwijzeressen.

Boos raadslid
 

Vader Leopold zou aan de Goese H.B.S. Duits en Engels geven. Duits doceren deed hij als de beste, hij was een groot liefhebber van de Duitse taal en cultuur. Dat Engels schijnt erbij te zijn ingeschoten, waarschijnlijk doordat zijn taken als directeur dat niet toelieten. In de praktijk werden de lessen Engels door iemand anders gegeven. In de Goese gemeenteraadsstukken en in de Goessche Courant vond Dick van Halsema dat het raadslid dr. C.A. van Renterghem daartegen in 1869 en 1870 fulmineerde. Van Renterghem suggereerde zelfs dat Leopold indertijd op valse gegevens benoemd was wat betreft het lesgeven in het Engels en dat hij daar helemaal niet voor gekwalificeerd was. Die laatste suggestie werd door J.H. de Laat de Kanter, voorzitter van de Commissie van Toezicht en lid van de gemeenteraad, direct ontzenuwd, onder meer in een ingezonden brief in de Goessche Courant van 30 juli 1869.

Familie Van Renterghem


De raadsstukken verder doorzoekend, moest Van Halsema wel de conclusie trekken dat Van Renterghem geen mogelijkheid liet voorbijgaan om kritiek te uiten op Martinus Leopold. Van Halsema kwam er al gauw achter wat daarvan wel eens de reden zou kunnen zijn. Van Renterghems zoon Henri was van de H.B.S. gestuurd wegens wangedrag, en dat gebeurde - inderdaad - in de periode dat Leopold er directeur was. Van Renterghem had daar in december 1867 een open brief over geschreven, waarin hij onder anderen Leopold aanviel.

Voor Van Halsema is er nog een andere, toevallige, reden waarom hij geïnteresseerd is in het raadslid. Vlakbij Van Halsema's woonhuis in Amsterdam bevindt zich de kliniek voor psychotherapie van Frederik van Eeden en dr. A.W. van Renterghem. Het is nu een jeugdhotel, maar een plaquette met de naam van Van Renterghem verwijst nog naar die tijd. Charles van Renterghem, het raadslid dat zijn agressie richtte op vader Leopold, was de vader van de beroemde Albert Willem. De laatste had eerst een praktijk in Goes gehad, met een specialisatie in hypnose.

In de school


Aanvankelijk woonde het gezin Leopold in de Lange Kerkstraat (op wat nu nummer 16 is). Later, toen de inrichting daarvan klaar was, in de directeurswoning die in de school was ingebouwd. Dat was op de eerste verdieping van de H.B.S.

De voormalige Rijks H.B.S. aan de A. Joachimikade met op de eerste verdieping de directeurswoning in 1871. Het gezin Leopold was toen net een jaar daarvoor vertrokken. Hoogstwaarschijnlijk staat op het balkon de nieuwe directeur met zijn gezin. Op de voorgrond vermoedelijk leerlingen en personeel. Helemaal rechts zijn kinderen uit het weeshuis te herkennen.

In de Goessche Courant las Van Halsema (dankzij Krantenbank Zeeland) dat vader Leopold
fl. 200,- extra kreeg voor het directeurschap, plus 'vrije woning, vuur en licht.' Op dat laatste, vrij wonen etcetera voor een directeur die niet eens alle vakken gaf waarvoor hij was benoemd, richtte het raadslid Van Renterghem zijn pijlen in de Goese raad.

Natuurlijk combineert Van Halsema zijn bezoek aan het Goese archief met een bezoek aan de voormalige Rijks H.B.S. Hij wil graag het huis zien waar de Leopolds woonden. Hij wil zelf ook rondlopen en foto's nemen in de omgeving van de A. Joachimikade, waar de kleine Jan Hendrik zijn kleuterstapjes zette. Toen heette dat stukje kade overigens nog Boomkade.

Kluizenaar
 

Al jaren geleden, hij werkte nog aan de VU, had Van Halsema besloten dat er een biografie moest komen. Bijzonder weinig is er echter over hem bekend. De dichter wendde zich in de loop van zijn leven steeds meer van de samenleving af, je zou hem een kluizenaar kunnen noemen. Hij werd dover en dover en had last van paranoïde gedachten. Aan het eind van zijn leven had hij met vrijwel al zijn vrienden en familieleden min of meer gebroken. Wat hij ooit van hen aan brieven bewaard mocht hebben, had hij weggegooid. Alleen de brieven van Gerlof van Vloten (zwager van De nieuwe gids-auteurs Frederik van Eeden en Albert Verwey) had hij bewaard. Waarom hij de brieven van Van Vloten wél bewaarde, is misschien omdat dit al een vroege vriendschap was, uit de periode dat de achterdocht nog geen rol speelde. Van Vloten was al in 1903 gestorven.

Leopold had ruim drieëndertig jaar lang een aanstelling als leraar Grieks en Latijn in Rotterdam. Het overgrote deel van die tijd woonde hij in dezelfde huurkamer in de Van Oldenbarneveldtstraat. Op het laatst verliet hij dat kamertje vrijwel niet meer. Hij ontsnapte daaraan dan in lange eenzame wandelingen in de omgeving van Rotterdam. En hij bleef in de schoolvakanties graag reizen, naar Duitsland, Zwitserland, Oostenrijk en Italië. De nieuwe wereld waarin hij dan even was, zat nog niet in het complot.
Leopolds werkkamer in Rotterdam

 
Literaire puberteit
 

In dit ijle informatiegebied moet Van Halsema zijn weg zoeken. In Goes zoekt hij vooral naar het culturele leven rond vader Leopold. Martinus nam actief deel aan de Goese cultuurwereld. Hij was lid van de Vereniging voor Volksbelangen en voorzitter van de Zangvereeniging Goes.
Van Halsema heeft de indruk dat de zoon zich tot het einde van zijn studie in Leiden, tot circa 1890, voegde naar de vooral op Duitsland georiënteerde voorkeuren van zijn vader. Toen hij vanaf 1893 met een heel ander soort poëzie de kring van De nieuwe gids binnentrad, brak hij met die culturele traditie. Gezien door de ogen van vader Leopold moet dat alsnog een soort 'literaire puberteit' geweest zijn. Hij ging een heel andere richting in.

 
Publicatie

 
In 2010 heeft Dick van Halsema zich serieus aan de biografie gezet. Hij is nu met het laatste materiaal bezig. Het zal niet lang meer duren voordat de biografie het licht ziet, maar dat zal net niet meer in het herdenkingsjaar 2015 zijn.
 

Zie ook de website van Dick van Halsema De kamer van Leopold




Februari 2015